Blog: Blondie gaat naar de rivier #7

Maandag 16 juli

Er is weer een nieuwe dag aangebroken. Rond tien uur werden we wakker. Daarna lekker ontbeten met pistolets en Nutella. Het was best stil in het huis en de moeder van Letycia wilde wat muziek. We besloten om kinderliedjes zoals ‘Tsjoe-tsjoe-wa’, ‘De wielen van de bus’, ‘Zo gaat de molen’, ‘De Mosselman’ en ‘Berend Botje’ op te zetten. Best grappig. Hierna ging Letycia Braziliaanse kinderliedjes opzetten. Hier verstond ik helemaal niks van natuurlijk. Na wat gezongen en gedanst te hebben was het tijd om te lunchen. Lekkere bloemkool met worteltjes, aardappeltjes en kip. De smaak is wel iets anders dan in Nederland, maar ik heb niets te klagen.

Na de lunch zijn we met de auto naar een strandje zo’n tien minuutjes van het huis gegaan. Het strand was vies. Er lagen veel resten zoals lege flessen, stukken touw en visnet. Er lagen veel zelfgemaakte bootjes. In een klein hoekje zaten twee vrouwen. Deze vrouwen waren aan het werk. Ze waren de mossels uit hun schelp aan het halen en aan het schoonmaken. Ook waren ze bezig met een vuurtje, ik denk dat ze daarmee de schelpen openden. Na wat wachten en bellen hadden we contact met de vader van Letycia. Hij heeft een hier boot liggen die hij zelf gemaakt heeft. Het heeft drie jaar geduurd voor de boot af was, maar dan heb je wel een leuke boot met een motor erin. De vader van Letycia kwam naar ons toe met de boot. Er werd aan mij gevraagd of ik op de boot wilde en en stukje wilde varen. Mijn antwoord was ja, zonder twijfel. Zo gezegd, zo gedaan.

Wij gingen met z’n allen eerst in een klein bootje roeiend naar de grotere boot. Vanaf daar moesten we overstappen op de andere boot. Toen ik op de boot zat kreeg ik twijfels of het wel zo’n goed idee was, want ja de boot is toch zelf gemaakt van hout en schudde aardig heen en weer. Mijn twijfels verdwenen toen de motor gestart werd en we echt gingen varen. Het voelde heerlijk, compleet anders dan bij het huis. Op het water ben je vrij en kan je zo ver wegkijken als je wilt. Bij het huis staat alles voor mijn gevoel heel dicht bij elkaar. Je kan helemaal niet zo ver wegkijken en overal waar je kijkt zie je huisjes. Op het water staan geen huizen. Na een stukje varen zijn we omgekeerd richting het strandje.
Ondertussen was ik naar de stuurhut gelopen om daar een kijkje te nemen. De vader van Letycia was de stuurman en op de achtergrond draaide de radio. Tot slot mocht ik het stuur overnemen. Wat was dat leuk om te doen, varen met een zelfgemaakte boot. Vlakbij de kust nam de vader van Letycia het stuur weer over.

Aan land zijn we weer in de auto gestapt om naar een ander plaatsje te rijden. Daar kon je op een steiger zitten en naar het water kijken. De zus van Letycia vertelde dat het al laat was en dus te gevaarlijk was om uit de auto te gaan en te gaan kijken bij de steiger. Wij keerden om en gingen richting huis met de auto. Letycia en ik moesten uitstappen. We liepen naar een klein winkeltje. Hier verkochten ze Açai en softijs. De Açai was op dus dan eten we maar softijs, ook lekker. Ze deden er M&M’s en chocolade bolletjes in. Ook deden ze er nog aardbeiensaus overheen. Hierna liepen we naar huis.

Half negen begon de judotraining. Thuis aangekomen moest ik mijn tas inpakken en daarna gingen we naar de training. De training was ongeveer een halfuur van het huis. Na een korte warming-up hebben we veel partijtjes gemaakt, zowel staand als op de grond. De trainer vertelde mij dat ik er sterk uitzag, leuk om te horen.
De trainer was vereerd dat hij een internationale judoka uit het buitenland in zijn dojo mocht ontvangen. Er was goede tegenstand en een leuke training. Na de training hebben we nog een aantal foto’s gemaakt met de groep.

Thuis aangekomen ging ik in één rechte lijn naar m’n bed, want ik was heel moe. Morgen weer een nieuwe dag.

Tchau,
Loura

Eén gedachte over “Blog: Blondie gaat naar de rivier #7”

Reacties zijn gesloten.